De artikelen van Roosschrijft

Anna's Doos

De lucht kraakte, zo ijzig koud was het. Anna's vingers gleden gehandschoend over het stuur van haar oude Volkswagen. Vanavond zou het moeten gebeuren, had Betty haar gezegd.
Vanavond - of helemaal niet.
De kou was een gemakkelijke motivator. Anna haatte temperaturen die in de buurt van het vriespunt schommelden - of daar ver onderdoor gingen. Misschien had ze anders oog gehad voor de manier waarop de bijna volle maan sluiks de vijver achter het weiland deed oplichten. Anna rilde alleen maar en probeerde alle gedachten uit haar hoofd te bannen.
Met een luide kuch start ze de motor en rijdt ze het erf af. Naar de stad.

Het begon weken geleden met een sluimerende, flauwe buikkramp.
"En m'n enkels zijn opeens zo dik - alsof ik opgezwollen ben, urenlang stilgezeten in een bus," had ze aan haar collega Frans verteld.
Ze had niet gezien hoe hij een heimelijk lachje op de lippen had gekregen. Daarvoor was Anna doorgaans te druk, om subtiele lichaamsveranderingen in mensen te herkennen. Op dat gebied overschatten mensen haar vaak.

Net als Peter, die nacht.

Het grote vakantiecliché: porno & drama

Roos ging een week in juli op vakantie naar Marmaris in Turkije met een vriendinnetje. Om even 'rustig te ontspannen'.

Je kent ze wel. Jonge meisjes en vervelende jongens die tussen hun 'drukke' bestaan van de middelbare school door op ouderlijke kosten lekker twee weken zich kapot mogen gaan zuipen aan costa's in Spanje, Griekenland, Italië - of tegenwoordig Turkije.
En tussen zulksoortig grut zaten wij (ik en mijn reisvriendinnetje) in het vliegtuig, de bus en zelfs in hetzelfde appartementencomplex. Maar ach, wij zouden ons er niet druk over maken. We waren immers op vakantie: een heerlijke hersenloze week niets doen in Turkije. En dat kon niets en niemand kapot maken.

Ik kon me dan ook niet eens zó hard ergeren aan schrille meisjesstemmen die in de 2,5 uur durende busreis van het vliegveld naar Marmaris maar moesten zeuren over de lengte, de hitte en de overige omstandigheden in Turkije. Het duurde namelijk té lang, het was té warm en oh wat waren ze blij dat ze in Nederland woonden. Want de huisjes en de wegen in Turkije, nou, tjonge, die waren wel afschrikwekkend.
Toen er tijdens onze tussenstop een vijftienjarig krullig geval op me af kwam lopen om een aansteker te vragen en vervolgens met zo'n zucht van verlichting haar sigaret aanstak, alsof ze normaliter twintig pakjes per dag rookte, deed ik ook daar niet vervelend of kritisch over. Want over een uur zouden we in onze bikini's in de hitte in het zwembad of de zee liggen. En dus kon ik alles aan.

We komen aan in ons appartementencomplex. Het ziet er mooi, zonnig en vakantie-achtig uit. Blij stappen we als eerste op de receptie af en checken wij in. Vervolgens gaat er een Turkse bell boy met ons mee de lift in om onze kamer te laten zien. Zodra hij de deur heeft open gemaakt met de sleutel en we de kamer binnen stappen, draait hij zich om en weet hij zich als een haas uit de voeten te maken.
Verdwaasd staan wij in onze kamer. Waar is die gast heen? En vooral: waar is hij met onze sleutel heen?
Ik stap de gang op, maar er is geen spoor meer van hem de bekennen. Huh?
Na zeven minuten komen we erachter dat hij de sleutel in een gleuf voor de airco heeft gestoken.

Het grote vakantie cliché: porno & drama

Je kent ze wel. Jonge meisjes en vervelende jongens die tussen hun 'drukke' bestaan van de middelbare school door op ouderlijke kosten lekker twee weken zich kapot mogen gaan zuipen aan costa's in Spanje, Griekenland, Italië - of tegenwoordig Turkije.
En tussen zulksoortig grut zaten wij (ik en mijn reisvriendinnetje) in het vliegtuig, de bus en zelfs in hetzelfde appartementencomplex. Maar ach, wij zouden ons er niet druk over maken. We waren immers op vakantie: een heerlijke hersenloze week niets doen in Turkije. En dat kon niets en niemand kapot maken.

Ik kon me dan ook niet eens zó hard ergeren aan schrille meisjesstemmen die in de 2,5 uur durende busreis van het vliegveld naar Marmaris maar moesten zeuren over de lengte, de hitte en de overige omstandigheden in Turkije. Het duurde namelijk té lang, het was té warm en oh wat waren ze blij dat ze in Nederland woonden. Want de huisjes en de wegen in Turkije, nou, tjonge, die waren wel afschrikwekkend.
Toen er tijdens onze tussenstop een vijftienjarig krullig geval op me af kwam lopen om een aansteker te vragen en vervolgens met zo'n zucht van verlichting haar sigaret aanstak, alsof ze normaliter twintig pakjes per dag rookte, deed ik ook daar niet vervelend of kritisch over. Want over een uur zouden we in onze bikini's in de hitte in het zwembad of de zee liggen. En dus kon ik alles aan.

We komen aan in ons appartementencomplex. Het ziet er mooi, zonnig en vakantie-achtig uit. Blij stappen we als eerste op de receptie af en checken wij in. Vervolgens gaat er een Turkse bell boy met ons mee de lift in om onze kamer te laten zien. Zodra hij de deur heeft open gemaakt met de sleutel en we de kamer binnen stappen, draait hij zich om en weet hij zich als een haas uit de voeten te maken.
Verdwaasd staan wij in onze kamer. Waar is die gast heen? En vooral: waar is hij met onze sleutel heen?
Ik stap de gang op, maar er is geen spoor meer van hem de bekennen. Huh?
Na zeven minuten komen we erachter dat hij de sleutel in een gleuf voor de airco heeft gestoken.

Roos Does London - DEEL II

Het congres, dus.

De aftrap van het hele gebeuren was die zondagavond om zes uur. Er zou een receptie met versnaperingen plaatsvinden in het luxeuze hotel waar de organisatoren en key-note speakers zaten (maw: de Belangrijke Mensen). Om kwart voor zes worden we bij Ramsay Hall opgehaald om daarna collectief naar de receptie-locatie te lopen.

Maar voor dit alles gebeurt, zit ik op mijn kamer en probeer ik de stekker van mijn laptop in mijn vlak voor vertrek gekochte wereldstekker van de ANWB te proppen. En dat lukt niet. Dat lukt niet! Ik grom en knars mijn tanden.
Mijn laptop is namelijk uitermate belangrijk, daar hij de inhoud van mijn paper voor het congres bevat. En dat paper moest ik nog herschrijven, aanpassen én er een powerpoint bij maken.
Ik knars mijn tanden nogmaals.

Rood aangelopen, gedesoriënteerd en met een wanhoopsblik in mijn ogen sta ik dan ook enkele minuten later op de gang.
Naast mij gaat er ook een deur open en er stapt een meisje uit.
"Are you a Hermes participant as well?" vraagt ze. Ik knik en wil haar meteen aanklampen in mijn zoektocht naar een werkende wereldstekker. Vandaag is het zondagavond en dinsdagochtend is mijn presentatie. De redding is dringend nodig.
Maar ik vraag waar ze vandaan komt.
"Germany."
Ka-ching. Mijn eerste Duitser van het congres. En als we samen naar de lift lopen, komen we daar Duitser nummer twee tegen. En in de lift komt Duitse nummer drie erbij! Ik kan mijn geluk niet op.
Zonder zich te realiseren dat ik heus Duits kan en versta, beginnen ze Duits te praten tegen elkaar.

Roos Does London - DEEL I

Vorige week zaterdag stapte ik dapper, maar zonder al te veel lustige gevoelens, de ferry van Hoek van Holland naar Harwich op. Ik zou gaan spreken op een congres op UCL in London en dat zou goed zijn voor mijn academische carrière. Daar was ik geheel van overtuigd, maar op het moment zelve had ik niet heel veel zin in de gewoonlijke reisbeslommeringen.
Desalniettemin zou ik een nacht doorbrengen op de boot, wat ik nog nooit eerder had gedaan. Spannende Agatha Christie-esque filmsterren die een dramatische dood tegemoet zouden gaan op het schip, kropen dan ook al aan mijn geestesoog voorbij. Dát zou mijn ervaring op de boot worden. Klasse overgoten met een zoete saus van mysterie.

Mijn hut was behoorlijk te pruimen, daar ik genoot van een automatische opwaardering vanwege (schijnbaar) gebrek aan passagiers. Maar we waren de Nederlandse wateren nog niet uit, of ik stond misselijk voor een raam weemoedig naar buiten te staren. De kapitein stond achter mij en doorzag mijn leed direct.

De Taxichauffeur deel 4 - Juist als je iets niet verwacht

Zie: deel 1 | deel 2 |deel 3

De allerlaatste werkdag in Laren mepte me vanmorgen keihard wakker. De donderdag volgde weer veel te snel een veel te late nacht op en ik kroop dan ook met weerzin van mijn bed naar de douche.
Hmpf, dacht ik nog, een week geleden lag ik nog te dromen over zomaar een taxichauffeur. Wat een onzin.
De enige voorwaarde waarmee ik mezelf mijn bed uit had gekregen was dat ik wel mijn pluizige blauwe Universität Heidelberg sweater aan mocht trekken. Niet alleen om mijn katerige toestand wat tegemoet te komen, maar het was ook behoorlijk koud geweest de afgelopen dagen. En als ik ergens niet tegen kan, is het wel kou.

Met een gezichtsuitdrukking die boekdelen nasynchroniseerde (voornamelijk "ja, het was te laat vannacht") rende ik door een heftige regenbui naar het station. Terwijl ik met mijn vader aan de telefoon probeerde een gesprek te voeren, riep ik hem verschrikt toe: "Kut, ik ga de trein nog missen ook!" Professionele hardlooppas erin, maar het mocht niet baten. De trein reed voor mijn snuit bij het perron vandaan.

Ach, dan maar wachten. Braafjes nam ik plaats op een bankje op het perron en staarde ik zo'n tien minuten wat doelloos voor me uit. Te lui en te koud om er een boek of mp3-speler bij te pakken.

Op de taxistandplaats te Hilversum stond een verrassing mij op te wachten.

Foute seks in de taxi?

Hoe het verhaal van de taxichauffeur afliep

De volgende donderdag stond alweer kwispelend voor de deur. Maar ik zou me geen illusies maken - hij was een willekeurige taxichauffeur en ik zomaar een klant.
Zonder al te veel hoop te koesteren zat ik dan ook in de trein. Muziekje aan en met een sluimerend verlangen naar de alcoholconsumptie die over een paar uur alweer hervat zou worden.

Hilversum

Ik stapte uit, liep trappen op en af en rende perron 1 op met mijn pin-pas paraat. "Verzoek niet mogelijk vanwege overschrijding van het maximale bedrag." Kut.
Had ik daar even geluk dat ik toevallig woensdagnacht maar één biertje had gedronken in 't Pakhuis. En daardoor had ik nog nét genoeg cash geld in mijn portomonnee voor de heenrit met de taxi naar mijn werk.

Maar ik was bewust op tijd en dus stapte ik nonchalant de welbekende taxistandplaats op.

Vorige week was the best day of my life

Een paar dagen geleden stond ik juichend voor mijn computer. Mijn werk had gemaild dat er weer gestaakt zou worden deze donderdag, dus mocht ik weer een taxi nemen!
Met een verwachtingsvolle glimlach dacht ik aan het taxikaartje dat ik vorige week nog had gekregen. Ik zou eindelijk een legitieme kans hebben hem weer te bellen! Of misschien stond hij al wel gewoon weer klaar op de taxistandplaats.

En dus brak vanmorgen De Donderdag aan. Ik wilde stiekem wel iets kittigs aantrekken, maar het moest wel netjes blijven voor mijn werk. Uiteindelijk koos ik maar voor iets beschaafds. Jurkjes waren sowieso out of the question, omdat er ingewikkelde trappen bestegen moesten worden op Hilversum CS en dat kunnen de mooie schoentjes die samen horen te gaan met jurkjes niet echt aan.
Na dit overdreven koddig bakvissen gedrag sprong ik dan uiteindelijk netjes, beschaafd en kapot gespannen de trein in. Hoe heerlijk casueel, ongedwongen en spontaan het die week daarvoor was, zo angstaanjagend afgewacht was het deze maal. Als je zomaar overvallen wordt door plotselinge leukheid, ben je zelf nog zo in verwarring dat je je niet zo zeer bewust bent van je daden. Maar op dit moment was ik me overdadig ziekelijk bewust van alles.

En toen kwam ik aan op Hilversum CS en stapte ik de taxistandplaats op. Kloppend hart, trillende zenuwen en onregelmatige ademhaling waren allemaal present.

Hoe ik verliefd werd op mijn taxichauffeur

Nog nooit zat ik in een taxi, tot vorige week donderdag. De dappere buschauffeurs staakten onvervaard door en toch moest ik vervoerd worden van Hilversum CS naar een willekeurige werklocatie te Laren. Dus, had mijn werkgever mij loyaal geïnformeerd, moest ik maar een taxi nemen.
Het zal niet verbazen dat ik dat vervolgens ook deed. Ik rende als eerste naar een pinautomaat (ik heb vrijwel nooit cash op zak) en trok daar lukraak een euro of twintig uit de muur. En vervolgens stapte ik de taxistandplaats op.
"Heb ik voor Laren genoeg aan twintig euro?" vroeg ik als taximaagd aan de eerste taxi.
"Ja hoor," wist de chauffeur mij gerust te stellen en ik stapte in.
Het betrof een meneer van middelbare leeftijd (vermoedelijk getrouwd, bekinderd) die wel vriendelijk genoeg was mij de gehele rit van zo'n twintig minuten met een gesprek te amuseren.

Waarom ik uitzendbureaus meer haat dan de toekomstige moordenaar van een van mijn katten

Imagine: een meisje dat volgend jaar in Duitsland gaat studeren, maar financieel aan de grond zit. Beurzen geven nul op 't request en de normale maandelijkse inkomens lopen vanwege de schoolsluiting dramatisch terug in de zomerperiode. Enter: financiële malaise die zijn weerga niet kent.

Maar dit meisje is niet achterlijk. En alhoewel haar planning voor de aankomende maanden niet uitermate aantrekkelijk is voor toekomstige werkgevers, waadt zij zich dapper een weg door alle instanties die werk kunnen aanleveren.

Eigenlijk houdt het meisje niet van uitzendbureaus, vanwege het feit dat ze altijd teveel kostbare tijd van zowel de potentiële werknemer als de werkgever opslurpen en beide alleen maar in de weg zitten. Bemiddeling, beschmiddeling! Maar principes zijn er om opzij gezet te worden - en het meisje werpt zich kop over hals op de uitzendbanenmarkt.