- ‹ vorige
- 5676 of 6212
- volgende ›
Ik kijk nog eens rond, bestudeer de donker paarse muur die ik ooit nog heb beschildert en alle vlekken die dat gegeven heeft, bekijk de balken die een zachte lila kleur hebben en herken het niet meer terug zo zonder mijn eigen gezelligheid.
Als ik naar de zolder loop en mijn oude kamerdeur open, tref ik niets anders aan dan een eenpersoonsbed, een strijkplank en een verdwaalde fauteuil in de hoek. Ik plof mijn rugzak op het bed en snuif eens diep. Niet de geur die ik gewend ben van deze ruimte. Mijn warme, wierook- en lijflucht is vervangen door een kille, vochtige zolderlucht. Het gordijn dat ik zo handig had gemaakt van verblindende stof van de markt, is ook nergens te bekennen.
Ik vervang het stoffige, door de katten behaarde dekbed voor een schone, fris ruikende en begin mijn tas uit te pakken. Mijn pyjamabroek en veel te groot slaapshirt leg ik op mijn kussen, mijn broeken, sokken en andere kledingstukken stal ik uit op de strijkplank en mijn schoolboeken plaats ik op mijn oude nachtkastje, welk naast de verdwaalde fauteuil in de hoek staat. Ik kijk nog eens rond, al iets vertrouwder, maar nog niet helemaal.
De kiwi's die ik thuis nog had liggen, leg ik op mijn nachtkastje. Mijn twee pakjes noodles leg ik op de lege boekenplanken aan de muur en mijn laptop leg ik naast mijn bed, zodat ik 's-avonds mijn serie kan kijken, een tv is er niet. Ik kijk nog eens rond, bestudeer de donker paarse muur die ik ooit nog heb beschilderd en alle vlekken die dat gegeven heeft, bekijk de balken die een zachte lila kleur hebben en herken het niet meer terug zo zonder mijn eigen gezelligheid. Dit is mijn kamer niet meer, denk ik bij mijzelf.
Ik loop een verdieping lager, naar het kamertje van mijn moeder. Draai een paar keer, kijk naar haar spulletjes, naar de goed geplaatste fauteuil in de hoek en naar haar bureau. Er is hier zoveel veranderd, dit herken ik ook niet, hier is ook niet meer mijn thuis.
Als ik naar beneden loop en mijn plek probeer te vinden op de bank, kijk ik naar de plek waar de tv altijd heeft gestaan. Ik herinner me hoe de houtkachel aanstond als ik ziek was en ik met mijn wollen deken op de bank kon liggen, terwijl de tv door de ruimte schaterde. Ik kijk naar de lege plek, geen tv, geen dvd-speler, geen tv-kast meer maar een grote buffetkast, met wijnglazen en chique servies.
Als na een paar minuten de grote rode kater, Bob door het kattenluik naar binnen rent en op mijn schoot springt, krijg ik alweer een wat meer thuis gevoel. Ik knuffel het beest, hij hapt wat en na de kriebelende haren in mijn neus weer zat te zijn, jaag ik hem weer weg. Ik hou niet zo van kattenharen.
Het is bijna anderhalf jaar geleden dat ik voor de derde (ja derde!) keer uit huis ging. Ik had voor de zoveelste keer van mijn kamer een thuisplaats gemaakt, mijn huis vertrouwd gemaakt en gewend aan hoe alles was. Maar in anderhalf jaar tijd gebeurde er veel. Ik heb van een andere plaats mijn thuis gemaakt, mijn stiefvader heeft het huis verbouwd, alle kinderkamers zijn vervangen door volwassen ruimtes en mijn moeder en stiefvader zijn ook nog eens gescheiden. Het huis is volwassen, gescheiden en zo anders dan ik ben.
Mijn huis is rood, hun huis is blauw. Mijn huis hangt vol foto's, bij hen alleen een enkele verdwaalde pasfoto. Bij mij staat de boekenkast vol, bij hen alleen in dozen. Een andere wereld, een andere sfeer, een ander leven. Ik ben daar twee weken om de poes te verzorgen, het arme beestje braakt al maanden. Maar hoewel ik de georganiseerdheid van hun huis heel fijn vind in tegenstelling tot mijn studentenhuis, ben ik blij als ik weer in mijn warme, eigen gemaakte kamertje kan slapen.
Asha slikt voortaan Ritalin voor haar ADD en is wel heel blij dat ze dat bij haar moeder kan proberen. Misschien wordt dan de drukte wat minder. Meer uit het verleden lees je hier of hier.
Reacties
Nieuwe reactie inzenden