- ‹ vorige
- 5192 of 6212
- volgende ›
De titel verklaart eigenlijk het hele boek. Joseph Roth (1894-1939) heeft het levensverhaal van zijn goede vriend Arnold Zipper en zijn vader beschreven. Zelf had Joseph geen vader, dus mocht hij af en toe 'de oude Zipper' even lenen.

Daar zijn moeder maar niet hertrouwde en de vriendschap tussen Arnold en Joseph steeds intenser werd, kwam hij steeds vaker bij de Zippers thuis en observeerde ze. De moeder van Arnold was een stille vrouw, die lang niet zo gecharmeerd leek te zijn van de oude Zipper als de vele mensen om hem heen. Logisch, want ondanks zijn goede intenties, pakte hij eigenlijk alles net verkeerd aan. Als papierhandelaar komt hij bij veel mensen over de vloer en besteed meer tijd aan netwerken dan aan handelen. De oude Zipper is er namelijk van overtuigd dat het erg belangrijk is om vrienden te hebben die je verder kunnen helpen in de maatschappij.
Zijn theorie klopt, maar in de praktijk loopt het mis. Dus krijgt de oude Zipper gratis kaartjes voor de bioscoop, maar moet een kamer in hun huis verhuren omdat hij zijn rekeningen niet kan betalen. En niet zomaar een kamer, neen, de chiqueste kamer in het huis; de salon. Dit incident zorgt ervoor dat Joseph voor het eerst echte emoties ziet bij de moeder van Zipper, ze is woedend, teleurgesteld en ze schaamt zich.
De tweede keer dat hij emoties ziet bij de moeder van Zipper is als de Eerste Wereldoorlog uitbreekt. De oude Zipper is hier zo enthousiast over dat hij direct zichzelf en zijn beide zonen aan wil melden om te vechten aan het front. De moeder van Zipper weet haar man op andere gedachten te brengen, maar kan niet voorkomen dat haar zoons opgeroepen worden.
De oorlog verandert alles. Arnold studeerde rechten, maar eenmaal terug besluit hij zijn studie niet te hervatten. Net als veel andere ex-soldaten handelt hij in legerstoffen en blijkt net als zijn vader een waardeloze handelaar te zijn. Hij is dan ook elke avond in het koffiehuis te vinden, waar hij bevriend raakt met een groep ambitieuze kunstenaars. Als zijn vader hem via een kennis zowaar een andere baan weet te bezorgen, is het koffiehuis zijn levenslijn. Hij veracht zijn overbodige kantoorbaan en zijn collega's zo erg, dat de dag voor hem pas echt telt, pas écht begint als hij in het koffiehuis is. Zo kabbelt zijn leven voort. Tot hij verliefd wordt.
Voor de actrice Erna neemt hij ontslag, zodat hij haar achterna kan reizen en haar alles kan geven wat ze nodig heeft. Ze trouwen en Arnold lijkt een droomleven te leiden, maar hij is nog altijd niet gelukkig...

Dit boek wordt verteld vanuit het ik-perspectief. We leren alles over Arnold en zijn vader, maar wie de ik nu precies is, wordt geen moment duidelijk. Maar dat geeft niet, want het verhaal gaat niet over Joseph Roth, maar over Zipper en zijn vader. Een mooi maar droevig verhaal over hoe een veelbelovende jongeman uiteindelijk niets bereikt in zijn leven. Je zou natuurlijk kunnen zeggen dat dat komt door de oorlog, maar de oplettende lezer weet wel beter.
Het komt door zijn vader. Door zijn opvoeding en het karakter dat hij van hem heeft geërfd.
Joseph Roth schreef dit boek al in 1928, maar het verhaal is geenszins gedateerd. Anno nu zouden we zeggen dat Arnold Zipper last heeft van een quarterlife crisis of worstelt met het dertigersdilemma, oorlog of niet. Daarom is dit een universeel herkenbaar verhaal, over een vader die eigenlijk niets heeft bereikt, en het tegenovergestelde wil, wenst en eist voor zijn zoon.
Mooi, droevig, herkenbaar, grappig én bijzonder vlot geschreven; Zipper en zijn vader krijgen van mij vier van de vijf roze kogels, hebben ze toch nog iets bereikt.
Uitgeverij Atlas
2010
160 pagina's
Reacties
Nieuwe reactie inzenden