- ‹ vorige
- 4437 of 5936
- volgende ›
In 2004 ontving Jelinek de Nobelprijs voor de Literatuur. In 2008 schreef ze nog voor de crisis echt losbarstte een klucht over geld, het kapitalisme en hebberigheid. Genoeg reden dus voor mij om dit boek heel graag te willen lezen.

Voor het boek hier in Nederland verscheen, was het op de planken als theaterstuk al te zien. Recensenten waren niet heel erg enthousiast, maar het publiek des te meer. Dit prikkelde mijn nieuwsgierigheid en toen ik het boek eenmaal in mijn handen had, kon ik ook niet wachten om te beginnen met lezen.
Vervolgens gebeurde er iets wat mij als rasechte leesnerd zelden overkomt; ik kwam er niet in. Jelinek gebruikt in het boek geen enkele witregel, alinea, hoofdstukindeling of ander rustpunt. 150 pagina's achtereen wordt er non stop getierd, met her een der een komische plaagstoot. Het tempo ligt hoog, heel erg hoog. Lezen is voor mij normaal gesproken ontspanning, maar na de eerste 50 pagina's was ik doodop. Ik wilde niet meer.
(...) Want de onzekerheid stelt ook haar eisen, jazeker, de onzekerheid is niet tevreden zonder meer onzekerheden, ze stelt haar eisen, ook aan ons, deze keer ook aan ons, terwijl wij toch zelf ook genoeg eisen stellen, ook aan het niets, en eerst moet natuurlijk het niets betaald worden dat eisen stelt aan onze zekerheden, eerst moet de schuld vereffend worden van het niets aan het minder dan niets, nietwaar, en daarna zijn wij aan de beurt om eindelijk ons niets uitbetaald te krijgen.

Toch besloot ik door te lezen. Maar de woorden, de betekenis, de boodschap wilde niet echt tot me door dringen. Ik begrijp dat de tekst een aanklacht is tegen het kapitalisme en de hebzucht van mensen, maar als er dan opeens een engel en een pratende steen het ´verhaal´ binnen komen, ben ik het helemaal kwijt. Gelukkig verschijnen er hier wel opeens wat witregels en cursieve teksten, waardoor ik minder het idee heb dat het boek over me heen dendert. Tot ik lees dat de tweede engel der gerechtigheid de slappe lach krijgt en ik echt geen flauw idee heb waarom.
Goede literatuur is voor mij kunst. Kunst is per definitie objectief. Er zijn mensen die de werken van Jackson Pollock briljant vinden en er zijn mensen die zijn werk beschouwen als geklieder. Blijkbaar is Jelinek mijn Pollock en 'De contracten van de koopman' mijn No. 5, 1948. Er zijn mensen die er van zullen genieten, maar voor mij is het geklieder. Daarom krijgt dit boek slechts twee van de maximaal vijf roze kogels.
Uitgeverij Querido
Juli 2010
150 pagina's
Reacties
Nieuwe reactie inzenden