De Taxichauffeur deel 4 - Juist als je iets niet verwacht

Zie: deel 1 | deel 2 |deel 3

De allerlaatste werkdag in Laren mepte me vanmorgen keihard wakker. De donderdag volgde weer veel te snel een veel te late nacht op en ik kroop dan ook met weerzin van mijn bed naar de douche.
Hmpf, dacht ik nog, een week geleden lag ik nog te dromen over zomaar een taxichauffeur. Wat een onzin.
De enige voorwaarde waarmee ik mezelf mijn bed uit had gekregen was dat ik wel mijn pluizige blauwe Universität Heidelberg sweater aan mocht trekken. Niet alleen om mijn katerige toestand wat tegemoet te komen, maar het was ook behoorlijk koud geweest de afgelopen dagen. En als ik ergens niet tegen kan, is het wel kou.

Met een gezichtsuitdrukking die boekdelen nasynchroniseerde (voornamelijk "ja, het was te laat vannacht") rende ik door een heftige regenbui naar het station. Terwijl ik met mijn vader aan de telefoon probeerde een gesprek te voeren, riep ik hem verschrikt toe: "Kut, ik ga de trein nog missen ook!" Professionele hardlooppas erin, maar het mocht niet baten. De trein reed voor mijn snuit bij het perron vandaan.

Ach, dan maar wachten. Braafjes nam ik plaats op een bankje op het perron en staarde ik zo'n tien minuten wat doelloos voor me uit. Te lui en te koud om er een boek of mp3-speler bij te pakken.

Op de taxistandplaats te Hilversum stond een verrassing mij op te wachten.

Het was he-le-maal leeg. Geen kip - laat staan een taxi of een taxichauffeur - te bekennen.
Euhm, is er ook een stiekeme taxistaking waar ik niets van weet? Nee, dat kán toch niet?
Als een automatisme ga ik lopen. Maar ik ben het stationsplein nog niet af, of ik realiseer me dat het écht niet tijdig te lopen is naar mijn werk. Dus met hangende pootjes keer ik weer terug naar de taxistandplaats.

En wie rijdt er daar voor?

Juist, mijn vrouwelijke taxichauffeuse van vorige week!
Ze opent haar raam en vraagt: "Hee, heb jij gebeld? Voor Laren?"
"Nee, ik heb niet gebeld, maar ik moet wel naar Laren."
"Okee, ja, ik werd gebeld hier om tien over drie te zijn voor een klant. Maar ik wacht even en dan vraag ik of ze het goed vindt als je meerijdt."
Ik ga akkoord met het voorstel, vooral vanuit gebrek van andere taxi's. Daar waar normaliter wel zes taxi's met ronkende motoren op ritjes staan te wachten, is het nu gewoon totaal uitgestorven.

Mijn laatste werkdag was bijzonder kort. Mijn twee avondleerlingen waren allebei al klaar met de toetsweken van dit seizoen, dus om zes uur sloeg de klok des vrijheids (en des geldlozigheids, maar dat is een heel ander punt). Mijn collega was gezond met de fiets, wat betekende dat ik alleen even een taxi moest fixen. En dus bel ik het welbekende nummer weer. Ik krijg een andere onbekende stem aan de telefoon en regel een taxi.

Om zes uur stipt rijdt er een groene auto voor. En ho, wie zit daar in? Hij. Dé taxichauffeur. Maar ik had er niet op gerekend. Desalniettemin stap ik enthousiast in. We zeggen elkaar gedag en terwijl hij nog wat neerkrabbelt in zijn taxi-overzicht, verklaar ik dat het mijn laatste werkdag was, hier.
"Dus dan is dit ook mijn laatste keer met je."
"Ja," zeg ik.

Op zijn overzichtje zie ik overigens dat zijn voorletter een 'A' is en dus geen 'R' van Rachid. Nu ik hem zo nogmaals bekijk (waar ik grootschalig de kans toe krijg, omdat hij om de vijf seconden me aanstaart met grote hertenoogjes) is hij eigenlijk niet eens zo goddelijk. Heus, aantrekkelijk, nog steeds, maar niet zo ultiem ziekelijk verrukkelijk als hoe de blonde collega Rachid afschilderde.

En eigenlijk heb ik niet meer zo'n zin, in de auto. Twee weken lang lag ik vrijwel kwijlend op die taxistandplaats hem te zoeken. En nu op het moment dat ik de hoop had opgegeven, is hij er zomaar.

Maar hij doet weer zo leuk en voordat ik het weet en er controle over heb, bulderen we beide van het lachen in de taxi. Oh ja, zo gezellig was het.

"En heb je nog veel spannends mee gemaakt, op taxi-vlak? Of gewoon in het algemeen."
"Nee, het taxiwezen is niet zo spannend hoor."
"Echt niet?"
"Is jouw baan dan spannend?"
"Nee, helemaal niet!"
"Nou, de mijne ook niet, dus," zegt hij tongue-in-cheek.
"Ja, maar ik heb allemaal leerlingen uit 't Gooi."
"En ik heb allemaal ritjes uit 't Gooi!"
"Oh. Nouja, dan heb ik blijkbaar een wat geromantiseerd beeld van het taxibestaan."
"Ah, bedoel je zoiets." En hij begint een beetje te glimmen. En vervolgens vertelt hij over een meisje dat hij ontmoette via de taxi. En waar hij mee gedate had.
"Dus ze was een ritje?"
Mijn woordspel wordt gewaardeerd en beloond met gelach.
"Maar dat is al lang over, hoor." Ergens bespeur ik de neiging duidelijk te maken dat hij single is. Want, dat is waar ook, als hij níet Rachid is, hoeft hij ook niet getrouwd te zijn!
"Dat was toen zo begonnen met in de taxi, daarna wat gesmst en gebeld enzo."
"Hoe deden we het toch vroeger, zonder mobiele telefoons."
"Ja, dat zou ik niet weten."
"Nouja, toen had je zo'n ouderwetse telefoon waar je voor ieder cijfer de draaikop moest laten ronddraaien. En dan wachten. En als er opgenomen werd, hing je snel op. Mijn ouders hadden zo'n telefoon."
"Hoe oud ben je dan?"
En even is er stilte. "Ja, hoe oud ben ik ook alweer? 22."
"Dan ben je wel héél vroeg begonnen met jongens."
Vervolgens breekt er weer een lachsalvo uit.

"Nee, ik moet wat serieuzer zijn."
"Ja?"
"Ja, want het duurt toch even voor je getrouwd bent, en dan ben je toch weer een paar jaar verder, ben je 27 - 28. En dan nog kinderen."
"Maar dat hoeft toch niet allemaal?"
"Nee, maar dat wíl ik wel."
"Okee."

Maar toch. Hoe langer ik hem aankijk, hoe harder ik me bewust word van het feit dat dit 't 'm toch misschien niet helemaal is. Het is een snoepje. En het hoeft alleen maar als snack en niet als levenslange voedzame maaltijd, maar toch.
Hoe dichter we bij Hilversum komen hoe duidelijker ik me er van bewust word dat ik zeker 'ja' als antwoord krijg als ik hem nu mee uit vraag. Maar er is iets in mij dat me er van weerhoudt. Geen verlegenheid of enigerlei angst.

Ik voel me zo fijn en verdomde veilig op mijn ijskonijnige stoel. Het gevoel, het sluimerende weten dat je er van vergewittigt dat het je níets uitmaakt. Dat er geen gevoel in het spel is.
Dat is veel te lekker om op te geven.

Voordat je 't weet, krijg je wel met gevoelens te maken. Breekt iemand weer je hart.

Zoals mijn mooie taxichauffeur zei: "mannen zijn maar op één ding uit." (Nouja, voegde hij toe. Niet iedereen. En vrouwen soms ook, zei ik.)

Opmerking
Overigens mag duidelijk zijn dan deze gehele reeks volledig op waarheid is gebaseerd. Mijn leven is een feuilleton.
http://roospleonasmes.blogspot.com

Bekijk alle logs van roosschrijft

Reacties

Nieuwe reactie inzenden

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd> <img> <object> <embed> <iframe> <script> <param> <i> <b> <code> <center> <quote> <u>
  • You can use BBCode tags in the text. URLs will automatically be converted to links.
  • Regels en paragrafen worden automatisch gesplitst.
    • tweetmeme.com
    • facebook.com
    • youtube.com
    • break.com
    • pinkbullets.nl
    • flabber.nl
    • metacafe.com
    • dailymotion.com
    • myspace.com
    • hyves.nl
    • twitter.com
    • nu.nl

Meer informatie over formaatmogelijkheden