Onze generatie heeft het druk. Alles kan, we willen het ook allemaal en we doen het ook allemaal. Carrière, zelfontwikkeling, druk sociaal leven, relatie(s), hobby's, reizen en af en toe willen we ook nog maatschappelijk verantwoord bezig zijn. Allemaal leuk, maar wel hectisch. Om aan die hectiek te ontsnappen besloten vriendin A. en ik in retraite te gaan. Een lang weekend in een klooster met boeddhisten. Veel mediteren, veel stilte en hopelijk de ideale manier om eindelijk eens rustig stil te staan en aan zelfreflectie te doen.
Na een lange trein- en busreis komen we op vrijdagavond aan bij het klooster in een klein dorpje in Brabant. We worden hartelijk ontvangen en voor de maaltijd wordt ons onze kamer gewezen. De kamer is roze en ik ben nu al blij. Na het eten hebben we even tijd voor onszelf en dan is het tijd voor onze eerste meditatiesessie.

We beginnen met basismeditatie gericht op de ademhaling. Stap 1 is je zithouding. Je mag in de (halve) lotushouding gaan zitten, op een meditatiekrukje of op een stapel kussens met je voeten naar achteren. Rug zo recht mogelijk, kin ietsjes ingetrokken en je armen ontspannen. Ik wikkel mezelf lekker in een deken om warm te blijven. Stap 2 is het die hard mediteren. Mediteren betekent niet je hoofd leegmaken en een verbod op gedachtes, maar mediteren betekent je gedachtes accepteren en ze loslaten. Bij de eerste fase moeten we onze ademhaling tellen. Je ademt in en uit en dat is één. In, uit, twee. Etcetera. Komt er een gedachte voorbij? Adem rustig door en begin weer bij één met tellen. Zodra je bij tien bent, begin je opnieuw met tellen.
Ik adem diep in en adem weer uit. Één. Weer in en uit, twee. "Ik ben benieuwd of ik het red om bij tien te komen. Crap, dat was een gedachte!" In, uit, één. In, uit, twee. In, uit, "heb ik m'n roze truitje eigenlijk wel ingepakt?" Kut. Één. "Zou het A. wel lukken om bij tien te komen?" Kut. Één. "Hoelang zouden we hier zo moeten blijven zitten?" Één. "Nu ga ik écht m'n best doen. Kut!" Één. Twee. Drie. Vier. "Zo ver ben ik nog nooit gekomen! Kut." Één. "Waarom gebruik ik het woord kut zo vaak? Zelfs in mijn gedachtes." Één. Twee. "Mijn neus kriebelt." Één.
Bij de tweede fase moet je tellen vóór je ademhaalt, bij fase drie focus je je op je ademhaling zonder te tellen en bij de vierde en laatste fase probeer je te voelen waar de lucht precies bij je neus binnen komt. Heb je een gedachte? Lekker laten gaan en doorgaan met ademen. Het klinkt simpel maar is nog best moeilijk. Ook al bak ik er weinig van, na een meditatiesessie van een half uur voel ik me heel erg fris, op m'n verkrampte spieren na dan. Het is half tien en we worden de volgende ochtend om 6.30 uur gewekt voor de ochtendmeditatie van 7.00 tot 8.30. Om 9.00 is er ontbijt en tot na het ontbijt mag er niet gesproken worden. Geheel tegen mijn verwachtingen in is het eigenlijk heel fijn om niet te mogen praten. Geen koetjes, geen kalfjes. Communicatie verloopt ook non-verbaal goed en ik slaap heerlijk rustig in.

Zaterdagochtend 6.30 uur. Op een werkdag sta ik niet eens zo vroeg op, laat staan in m’m weekend. Een blije boeddhist loopt door de gangen met een belletje en dat is onze wake up call. Over een half uur moeten we in de meditatieruimte zijn. Als ik naar de toiletten loop ontdek ik nog een voordeel van de stilteperiodes. Mijn ochtendhumeur ebt snel weg omdat helemaal niemand tegen je praat. De ochtendmeditatie verloopt moeizaam omdat ik alleen maar aan mijn heerlijke roze kloosterbedje kan denken. Na het ontbijt mag er weer gepraat worden maar ik besluit om lekker in mijn kamer te gaan lezen, ik kom hier voor rust, niet voor nog meer sociale contacten. De volgende meditatiesessie gaat een stuk beter en na de lunch hebben we 2.5 uur ‘vrij’ tot de volgende meditatie. A. en ik lopen de grote kloostertuin in en nemen een aantal foto’s die wij erg hilarisch vinden, maar pure blasfemie zullen zijn in de ogen van Godvrezende christenen.

Bij de volgende meditatiesessie gaan we ons naast de ademhalingsmeditatie bezig houden met metta. Metta kan je ongeveer vertalen als liefdevolle warmte of liefdevolle vreugde. Ook deze meditatie gaat weer in fases. Fase 1; metta voor jezelf. Geen probleem. Helemaal kalm en zen wens ik mezelf al het goede in de wereld toe, al beginnen mijn spieren steeds meer te protesteren tegen de meditatiehouding. Fase 2; metta voor een goede vriend of vriendin. Terwijl ik A. al het goede in de wereld toe wens, gluur ik stiekem haar kant op. Ze zit kaarsrecht op haar meditatiekrukje en jaloers vraag ik me af of haar spieren niet aan het zeuren en trekken zijn. Fase 3; metta voor een onbekende. Ik denk aan de machinist die morgen ons treintje naar huis gaat besturen en wens hem al het goede in de wereld toe. Zo stil mogelijk wiebel ik heen en weer op mijn krukje. Fase 4; metta voor iemand waar je een hekel aan hebt. Dit is te moeilijk voor me. Ik begin heel optimistisch X allemaal mooie dingen toe te wensen, maar binnen één minuut wens ik hem een heleboel toe, maar daar is weinig metta aan. Voorzichtig laat ik mezelf van mijn krukje afzakken en kijk de meditatieruimte in. Iedereen is heel vredig bezig met metta voor zijn vijanden. Fase 5; metta voor de hele wereld. Ook lastig, want ik ken de hele wereld niet. En zoals uit de vorige fases al bleek is het makkelijk om de mensen waar je om geeft al het goede in de wereld toe te wensen, maar ik ben niet boeddhistisch genoeg om mijn vijanden hetzelfde toe te wensen. Gefrustreerd strek ik mijn benen en hoor van alles knakken. Ik hijs mezelf weer op m’n krukje en besluit de ademhalingsmeditatie te doen, maar ik ben te gefrustreerd om kalm te worden.

Na het avondeten is er weer een sessie tot half tien en kapot vallen A. en ik in bed. We fluisteren nog even stiekem, want er is weer een stilteperiode. De volgende dag tijdens de metta-meditaties doe ik gewoon de ademhalingsmeditaties en die gaan steeds beter. Alleen het stil zitten wordt steeds moeilijker, ook omdat de sessies steeds langer worden.
Heel boeddhistisch krijgen A en ik een lift terug naar de randstad. Kalm en sereen zitten we in de auto en als ik thuis kom kan ik terugkijken op een geslaagde retraite. De sfeer was geweldig, ik ben inderdaad een stuk kalmer en voel me minder gejaagd. Okay, metta is (nog?) niet mijn ding, maar dat was mijn doel ook niet. Ik heb heerlijk gegeten en weer leuke nieuwe mensen leren kennen. Helemaal monter begin ik aan een nieuwe hysterische werkweek en heb het gevoel dat ik de hele wereld aankan. Vanaf nu wil ik elke twee maanden op retraite.
Als mijn agenda het toelaat, that is.
Laatste reacties
1 uur 52 min geleden
6 uren 14 min geleden
6 uren 18 min geleden
7 uren 37 min geleden
7 uren 42 min geleden
7 uren 55 min geleden
8 uren 11 min geleden
8 uren 15 min geleden
9 uren 24 min geleden
12 uren 58 min geleden